Werkingssfeeronderzoek bouw



Er zijn  in Nederland meer dan 64 bedrijfstakpensioenfondsen deze korten we gemakshalve af met BPF. De verplichtstelling staat in de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000. Werknemersorganisaties, werkgeversorganisaties en de staat (SER) hebben er samen in de 60er jaren voor gezorgd dat pensioen verplicht werd gesteld.

Je valt niet onder een pensioenfonds – denk je …

De AFM heeft berekend dat 15% van alle werknemers NIET onder een pensioenfonds vallen. Dat is mooi denk je nu, ik val onder deze 15%…De werkelijkheid is dat er veel meer bedrijven en werknemers niet zijn aangemeld dan de eerder genoemde 15%. De pensioenfondsen jagen op de bedrijven die zich nog niet hebben aangemeld.

Waarom doen ze dit?

Er zijn twee redenen waarom pensioenfondsen bedrijven opsporen die er eigenlijk bij horen:

Eerste reden

Er is sprake van onderdekking bij de meeste fondsen. Dit betekent dat ze meer geld nodig hebben voor de uitkeringen dan er in werkelijkheid is. Ze hebben dus geld nodig. Nieuwe bedrijven zijn dus meer dan welkom.

Tweede reden

Indien een werknemer na zijn werkzame leven aanspraak maakt op zijn pensioen, dan is het pensioenfonds verplicht om dit pensioen uit te keren, ook al is er nooit een cent premie afgedragen. Om deze gang van zaken te voorkomen letten ze er erg op dat bedrijven die bij het pensioenfonds horen ook premie afdragen aan het pensioenfonds.

Wat is een werkingssfeeronderzoek bouw?

In een werkingssfeeronderzoek bouw wordt de verplichtstelling welke omschreven wordt in de staatscourant vergeleken met de werkelijke werkzaamheden van het bedrijf en de medewerkers.

Dit noemt het pensioenfonds de materiele en persoonlijke werkingssfeer.

Materiele werkingssfeer is wat het bedrijf als geheel doet

Persoonlijke werkingssfeer is dat wat (groepen) personeel doen

Werkwijze van de pensioenfondsen

De pensioenfondsen scannen de KvK omschrijvingen, lezen de website van jouw bedrijf en worden soms geïnformeerd door de belastingdienst. Vervolgens sturen ze vaak een brief met een aanmoediging tot aanmelding. Vaak lijken deze brieven onschuldig en vrijblijvend, maar dat zijn ze zeker niet. De implicaties kunnen enorm zijn.  Indien jouw bedrijf al een aantal jaren bestaat is er de mogelijkheid dat het pensioenfonds de premies uit de voorliggende jaren ook gaat incasseren.

De gemiddelde premies van de pensioenfondsen liggen rond de 20% van de salarissom. Indien er dus enkele jaren pensioenpremie afgedragen moet worden gaat dit om vele tonnen. Voor menig bedrijf betekent dit een faillissement.

In het uiterste geval kan de schade zelfs verhaald worden op de bestuurders van de onderneming.

Wanneer val ik onder het Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid (hierna te noemen: Pensioenfonds Bouw)? In het kort komt het erop neer, dat als de werkzaamheden op de bouwplaats plaatsvinden of ondersteunend zijn op de bouwplaats de werkzaamheden onder het BPF vallen.

Ook is er het hoofdzakelijkheidscriterium.

Dit betekent dat er minimaal 50% of meer van de loonsom aan bouwgelieerde werkzaamheden moeten gebeuren. Bovenstaande zijn richtlijnen. Hoe het werkelijk zit zoeken we graag uit met een werkingssfeeronderzoek bouw.

Werkingssfeeronderzoek nodig?

Vaak komen bedrijven er te laat achter dat een werkingssfeeronderzoek nodig is. Dan is er al een noodzaak. Dit kan zijn een oude werknemer die zijn pensioen opeist, of de eerste brieven van het pensioenfonds liggen op de deurmat.

Het verdient geen betoog dat voorkomen beter is dan genezen.

Wanneer moet er een werkingssfeeronderzoek bouw gedaan worden?

In de regel is het verstandig om, om de paar jaar een werkingssfeeronderzoek bouw te doen. Dit komt doordat de regels van het pensioenfonds kunnen wijzigen. M.a.w. de insluitings- en uitsluitingscriteria kunnen wijzigen. De tweede reden is dat de werkzaamheden van het bedrijf al dan niet disruptief gewijzigd kunnen zijn. Denk hierbij aan overnames of nieuwe bedrijfsactiviteiten.

Wij voeren werkingssfeeronderzoeken uit voor accountants, bedrijven en HR adviseurs.

Een voorbeeld

Een bouwbedrijf van 80 man wisselt van eigenaar. Er loopt een pensioen bij BPF bouw. De nieuwe eigenaar neemt het hele bedrijf over, behalve de tekenafdeling. Deze gaat zelfstandig verder. De tekenafdeling bestaat uit een groep van 10 mensen met een gemiddelde leeftijd van 40 jaar. Gewoontegetrouw blijven de werknemers bij BPF bouw. Na enkele jaren doet het tekenburo een werkingssfeeronderzoek bouw. Hieruit volgt de conclusie dat het bedrijf niet onder het pensioenfonds valt. Het tekenburo valt ook niet onder andere pensioenfondsen. Ze starten een eigen pensioenregeling op. Deze nieuwe pensioenregeling valt veel goedkoper uit dan de dure BPF bouw regeling.